page contents
Militaire Inlichtingen

Militaire Inlichtingen


Dutchhelmets collectie


Binnen de Dutchhelmets collectie is er ook een deel gewijd aan Nederlandse militaire inlichtingen organisaties en eenheden. Doel hiervan is om militaria en memorabilia te verzamelen die afkomstig zijn en/of betrekking hebben op Nederlandse militaire inlichtingen.

Zoals bij elk ander verzamelonderwerp of richting, is het van essentieel belang om te begrijpen hoe het een en ander zich tot elkaar verhoudt. Hierom doet Dutchhelmets onderzoek naar Nederlandse militaire inlichtingen zodat gezocht kan worden naar relevante stukken om de collectie aan te vullen.

 

Dutchhelmets houdt zich dan ook absoluut niet bezig met het willen blootstellen van inlichtingendiensten, organisaties, eenheden, operaties, personeel of wat dan ook. Alle onderzoeken door Dutchhelmets worden gedaan d.m.v. het raadplegen en samenbrengen van openbare bronnen en deze onderzoeken hebben als doel om richting te geven in de speurtocht naar militaria en/of memorabilia.

Naast onderzoek voor de Dutchhelmets collectie, publiceert Dutchhelmets een samenvatting van de in openbare bronnen gevonden informatie op deze pagina met als doel om andere geïnteresseerden te voorzien van informatie.

 

Hulp gevraagd

 

Dutchhelmets is opzoek naar informatie aangaande de geschiedenis van Nederlandse inlichtingen organisaties en eenheden. Het betreft voornamelijk informatie over organisatie, benamingen/nummering van eenheden, logo's en emblemen, e.d.

 

Dutchhelmets is ook opzoek naar allerlei militaria en memorabilia, zoals emblemen, documentatie/boeken/voorschriften, uniformen, uitmonsteringen, uitrustingstukken, tegels, schildjes, e.d., die te maken hebben met Nederlandse inlichtingen organisaties en eenheden. Doel hiervan is om deze te bewaren voor toekomstige generaties.

 

Mocht u materiaal in bezit hebben en dit weg willen doen, dan mag u gerust contact opnemen via het contactformulier.


De fakkel, het credo ‘In Tenebris Lucens’ en de kleuren jagersgroen en grijs

 

Symbolisch gezien heeft de fakkel een sterke betekenis voor de Nederlandse militaire inlichtingen, die de eigenschappen vertegenwoordigt die het vakgebied belichaamt. De omhoog geheven en naar voren gekantelde fakkel is een fier teken van waakzaamheid. Het vuur van de fakkel beschermt tegen (onbekende) dreigingen die op de loer liggen en staat symbool voor (mentale) kracht, geestelijke verlichting en creativiteit. Het naar voren kantelen is ook de belichaming van voorhoede, innovatie, vernieuwing en vooruitstrevendheid, en dus ook het naar voren leunen om verrassingen te voorkomen. Tegelijkertijd verlicht de fakkel de duisternis en werpt licht op onbekend terrein of op dat wat door anderen getracht wordt te verhullen. Dit brengt inzichten die voorheen niet gezien konden worden.

 

De fakkel vindt haar oorsprong in het embleem dat door de Generale Staf, Sectie III (GS III) gebruikt werd op het door hen uitgegeven periodieke inlichtingenbulletin “De Fakkel”.

Op 01 september 1951 kreeg de Schoolcompagnie MID bij Koninklijk Besluit Nr 1 (01 oktober 1951) haar zelfstandige status als School Militaire Inlichtingendienst (SMID). Bij een zelfstandige status hoorde ook een eigen onderscheidend embleem.

De eerste-luitenant A.W.T. Gijsbers was toentertijd werkzaam op het SMID als instructeur Gevechtsinlichtingen. Hij was een oud leerling van de Engelse inlichtingencursus te Farnham en gedurende zijn periode in Nederlands-Indië gebruikte hij een door hem zelf vervaardigd stempel van hout voor al zijn dienstaangelegenheden. Dit stempel was een in hout uitgesneden rechtopstaand brandende fakkel met twee gekruiste klewangs erachter.

Het was de eerste-luitenant Gijsbers die zijn rechtopstaande ‘Indische’ Fakkel en door hem bedachte motto ‘In Tenebris Lucens’ samenbracht, en hiermee ontstond de nieuwe logo voor het SMID. Enkele jaren later werd een omsloten hand toegevoegd die de fakkel vasthoudt en werd de fakkel voorover gekanteld, ook wel de geheven fakkel genoemd.

A.W.T. Gijsbers is later van 1978 tot april 1981 commandant 1e (NLD) Leger Korps geweest, in de rang van Luitenant-Generaal.

 

Na de oprichting van 101 Militaire Inlichtingendienst Compagnie (101 MIDcie) in 1954, werd de fakkel ingevoerd als eenheidssymbool. De fakkel werd ook door de MID (voorloper LAMID, 1946-1972) gevoerd, in ieder geval vanaf begin jaren ’60. Na de naamswijziging van MID naar LAMID in 1972, bleef de fakkel bij de LAMID in gebruik als logo. De MID kan worden verbonden aan de GS III doordat het een voortzetting was van de Centrale Inlichtingendienst (CID). De CID werd in 1940 opgericht als opvolger van de GS III en het primaire doel was om contact te houden met bezet Nederland.

 

In 1994, vlak voor het bezoek van de Inspecteur Generaal voor de Krijgsmacht (IGK), luitenant-generaal Maas aan 101 MIDcie, gaf de Compagnie Commandant aan twee leden van de eenheid de opdracht een ontwerp te maken voor een nieuw logo. Het uiteindelijk ontwerp was een logo waarin de wereldbol belicht werd met de fakkel. Bij dit nieuw ontwerp kwam de omsloten hand te vervallen.

Er werden twee exemplaren uit triplex gemaakt, waarvan één exemplaar aan de IGK werd geschonken. Het andere exemplaar heeft jarenlang de katheder van 101 MIpel gesierd.

 

Na het opnemen van 101 MIpel in 101 MI&StStEsk, werd het logo overgenomen en gevoerd door 103 ISTAR Bataljon. In 2011 werd het logo door het JISTARC overgenomen en gevoerd als eenheidsembleem.

 

Het motto ‘In Tenebris Lucens’ is afgeleid van de Latijnse en Bijbelse passage ‘lux in tenebris lucet’, wat betekent ‘lichtend in de duisternis’. Het verwijst naar de symbolische betekenis van de fakkel. Dit motto werd in combinatie met de fakkel gevoerd door de SMID, de Landmacht Militaire Inlichtingendienst (LAMID), de latere Militaire Inlichtingendienst/Koninklijke Landmacht (MID/KL), 111 Contra Inlichtingen Detachement (CIDet), 450 CIDet en 451 CIDet.

Tegenwoordig wordt het credo nog steeds gevoerd als het motto van het Korps I&V en het DIVI.

 

De kleuren jagersgroen en grijs hebben ook een historische betekenis binnen Nederlandse inlichtingen. Jagersgroen werd al in de 16e eeuw gebruikt als kleur in uniformen door jager-eenheden. Jager-eenheden waren kleine infanterie-eenheden die veelal uit stropers bestonden die erg bekwaam waren in het schieten en het onopvallend door de terrein verplaatsen. De jagers waren licht bewapend en in tegenstelling tot de reguliere infanterie-eenheden die op linie ten strijde trokken, verplaatsten de jagers verspreid door moeilijk begaanbare terrein richting de vijand. Vanwege deze heimelijke manier van verplaatsen werden jager-eenheden gebruikt om onopvallend informatie te verzamelen over de vijand vlak voor en tijdens het gevecht. De jagersgroene uniformen droegen bij aan het onopvallend bewegen door het terrein en wordt gezien als een van de eerste vormen van grootschalig gebruik van camouflage tijdens oorlogsvoering.

101 MIDcie, en later 101 MIpel, vielen onder het Regiment Limburgse Jagers en het onder 101 MIDcie en 101 MIpel beëdigde personeel legden tot aan de integratie in het 101 MI&StStEsk van het 103 ISTAR Bataljon hun eed af op het vaandel van het Regiment Limburgse Jagers.

Het jagersgroen verwijst dus ook terug naar deze tijd van de Nederlandse landmacht-inlichtingen en verwijst naar de historische en functionele verbondenheid die bestaat tussen Inlichtingen & Veiligheid en jager-eenheden.

 

Grijs staat symbool voor het opereren op de achtergrond en in de schaduw. Grijs is een neutrale kleur die niet zo snel opvalt.

Het grijs komt ook terug in de uniformen van de eerdergenoemde jager-eenheden, die vaak deels groen en deels grijs waren. Militaire ordonnansen, die een essentiële schakel vormden in de vergaring en voorziening van informatie voor de bevelhebber van een legermacht, voerden hun taken uit in een onopvallend grijs uniform.

 

De kleuren jagersgroen en grijs komen ook terug in verschillende eenheidsemblemen die gevoerd werden door de LAMID, 101 MIDcie, 101 MIpel en 111 CID.

Tegenwoordig worden de kleuren jagersgroen en grijs nog gevoerd door het Korps I&V en 105 FHcie.

 

Met het oprichten van het Korps Inlichtingen & Veiligheid ‘Prinses Alexia’ op 20 november 2020, werd de fakkel en credo als korpssymbool ingevoerd. Zowel de fakkel als credo zijn uitgebeeld op de Wapenonderscheidingstekenen die door leden van het Korps I&V worden gedragen.

 

Tegenwoordig wordt de fakkel, naast het Korps I&V, nog steeds gevoerd door het Joint ISTAR Commando (JISTARC), door het Defensie Inlichtingen en Veiligheidsinstituut (DIVI), door 105 Field HUMINT Compagnie en door 107 Aerial Systems Batterij.

Van deze eenheden zijn er historisch gezien maar twee eenheden die oorspronkelijk de fakkel voerden. Dit zijn DIVI die voortkomt uit de SMID en gaat terug tot 1951, en 105 Field HUMINT Compagnie die voorkomt uit 101 MIDcie (en later 101 MIpel) en gaat terug tot 1954.

Er is een derde inlichtingen eenheid die historisch gezien de fakkel ook zou mogen voeren, namelijk 106 Inlichtingen Compagnie. 106 Inlichtingen Compagnie komt net als 105 Field HUMINT Compagnie voort uit 101 MIDcie (en later 101 MIpel). Met het oprichten van het Korps Inlichtingen & Veiligheid in 2020 heeft 106 de fakkel ingeruild voor een spin.

De inlichtingen eenheden die tegenwoordig de fakkel voeren als logo, voeren de voorover gekantelde fakkel zonder omsloten hand.